Ik? Overbezorgd ?

Hoe weet je het verschil tussen een gezonde hechte band met je kindje en overbescherming?

Gastblog door baby-psycholoog en collega Marilene de Zeeuw (leestijd 4 minuten)

Geniet jij ook zo intens van het samen slapen met jouw kroost? Heerlijk, dat warme lijfje ’s nachts tegen je aan. Tevreden trek je ’s avonds je pyama aan, je hebt zin om naar bed te gaan! Daar ligt je kleine puk al lekker te slapen. Je aait even over dat engelachtige snoetje en snuffelt nog even aan z’n hoofd…

Tót… de twijfel toeslaat.

Ineens denk je: “Wat als kamp-laat-maar-huilen en team-vanaf-dag-1-in-het-eigen-bed toch gelijk hebben? Wat als je eigenlijk overbeschermend en overbezorgd bent? Wat als je over de grenzen van je kindje gaat en haar autonomie ondermijnt? En heeft je partner toch gelijk als hij zegt dat jullie je kind verwennen en dat het ouderlijk bed weer gewoon van jullie moet zijn? Laten andere ouders hun kind niet veel eerder en veel beter los?”

Angstig

Voorop gesteld: er is niet één manier om de juiste gehechtheid met je kind er op na te houden. Er zijn zoveel soorten relaties als er mensen zijn. Toch zijn er ouders onder ons, die wel meer en vaker bezorgd en angstig zijn. Die de neiging hebben hun kind sterker te beschermen dan de gemiddelde ouder. Ik kom die ouders tegen, in m’n werk als Infant Mental Health Specialist en psycholoog. Officieel heet dat zo: je hebt een angstig-ambivalente relatie met je kind óf je hebt een gedesorganiseerd gehechte relatie met je kind. Als ik die ouders tegenkom in m’n werk, dan is er vaak een hulpvraag. Maar overal in Nederland lopen er ouders rond die zo’n soort relatie met hun kind onderhouden:  zo’n 15% van de ouders heeft een angstig-ambivalente relatie met zijn of haar kind, en zo’n 20% heeft een gedesorganiseerde relatie. Deze kinderen ontwikkelen zich allemaal, groeien allemaal op en lopen lang niet allemaal bij een hulpverlener.
Zolang ouder en kind geen klachten hebben, is er geen behandeling nodig.

Hoe weet ik of ik een angstig-ambivalente relatie heb met mijn kind?

overbezorgd hechting

Ouders met een ambivalente manier van in relaties staan herkennen dit ook breder: ze hebben deze neiging met al hun relaties. Niet alleen met hun kind. Ze zijn ook angstig in contact met hun vriendinnen, ouders, partner. Ken je dit van jezelf:

  • Je hebt de neiging om zorgelijk en piekerend te reageren op veel dingen.
  • Je ziet óveral leeuwen en beren.
  • Je bent dit ook zo zijn gewend in contact met je eigen ouders: een zorgelijke/ angstige neiging, korte lijntjes, frequent contact en er zijn ook angsten bij opa’s en oma’s.
  • Je hebt op allerlei (kleine) momenten de neiging om je kind een naar gevoel te besparen. Je neemt snel zaken over, en lost veel voor je kinderen op. Voorbeeldjes: altijd je kind maar blijven aankleden, messen en scharen maar met moeite kunnen geven, je kind dichtbij je houden en snel weer terughalen als het op onderzoek uit wil, snel en veel je kind van speeltoestellen af halen.
  • Je hebt vaak een hoog tempo en soms de neiging om het tempo van je kind uit het oog te verliezen.
  • Je kunt soms wat in je hoofd zitten omdat je bezig bent met de zorg.
  • Je stapt over de kleine signalen van je kind heen als het gaat om zelfstandigheid (bijv. de wens negeren van je kind om af en toe níet in de draagzak te willen).
  • Je voelt je soms klem door alle verschillende adviezen op het internet.

Kortom, angstig-ambivalente ouders slapen ook samen met hun kind, ze voelen zich daar wat angstig bij en die angstigheid is onderdeel van een breed patroon. Ze hebben een breed patroon van klein houden en zelfstandigheid wat inperken en leer-situaties bij hun kind weghalen in plaats van laten ontstaan.

Herken jij je hierin? Als je je hiervan bewust bent, kun je er wat aan doen. Er is geen reden om je EXTRA ongerust te maken ;-).

Hoe weet ik of ik een gedesorganiseerde relatie heb met mijn kind?

Ouders met een heftig trauma of meerdere trauma’s in hun rugzak zie ik in m’n werk als psycholoog ook regelmatig. Soms hebben ze alleen enkele kenmerken van een gedesorganiseerde relatie, soms is de relatie gedesorganiseerd. Ook die slapen samen. En daar zitten doorgaans hele angstige ideeën en gevoelens achter:

  • als ik niet m’n kind in de gaten houd, word ik zelf te bang en dat gevoel van onveiligheid verdraag ik zelf niet.
  • Als ik hem of haar bij me in bed heb, slaap ik pas weer een beetje.
  • Als ik hem of haar niet bij me in bed heb, ben ik doodsbang dat hij dood gaat.
  • Ik weet wel dat de dokter heeft gezegd dat het onzin is, dat ze hem goed hebben nagekeken, maar toch…
  • Ik heb 1x te veel met de ambulance meegereden.
  • Ik wil checken of z’n ademhaling het doet
  • De wereld is zo onveilig, ik weet pas zeker dat m’n kind veilig is, als ik bij hem of haar ben
  • Ik vertrouw niemand, ik heb teveel meegemaakt aan huiselijk geweld.

Ik ken ouders die het moment van diepe slaap zo ontzettend angstig vinden, dat ze liefst hun kind even wakker maken. Het lijkt namelijk zo op het moment dat hun kind ernstig ziek was.

Wat laat mijn kind zien?

Een tafel heeft 4 poten, maar niet alles met 4 poten is een tafel. Mensen met veel angsten hebben de neiging om vaker met hun kind samen te slapen, maar samenslapen zélf is geen bewijs dat je een angstige ouder bent. Sterker nog: het tegenovergestelde kan juist het geval zijn. Je kunt juist een ouder zijn die je kind overdag verbluffend goed kan ondersteunen in z’n autonomie en zelfstandigheid. En je kind kan juist heel gemakkelijk nieuwe risico’s en uitdagingen aangaan! Dat jij die ouder bent die regelmatig aangesproken wordt op ‘je relaxte kind’. Hij of zij reageert zo ontspannen en je kind lijkt niet gemakkelijk gek te krijgen onder veranderende omstandigheden.

Want ja… er zijn wetenschappelijk redenen om te denken dat huidcontact het centraal zenuwstelsel van je baby helpt rijpen. Ook kan het jouw gevoeligheid vergroten voor het opvangen van signalen van je kind. Op die manier kan samen slapen de ontwikkelende emotieregulatie van je baby ondersteunen.

Gezond verbonden

Kinderen die op een gezonde manier verbonden zijn met ouders – dat vertaalt zich in een goede emotieregulatie bij je kind (Beijers et al., 2013). Dat betekent dat je kind een heel scala aan emoties kan ervaren. De volumeknop kent vele standjes, en het herstel na een heftige emotie (want die hebben alle kinderen weleens) is relatief snel. Je kind kan na een boos gevoel relatief gemakkelijk weer bijdraaien en z’n aandacht verleggen. Hij of zij is niet de hele ochtend van slag en is flexibel.

Ben ik een slechte ouder als ik overbezorgd ben?

Er is dus een gedeelte van de samenslapende ouders die dit wél doet uit innerlijke angst en waarin het kind iets oplost bij de ouder. Stel, jij bent zo’n ouder die na het lezen van deze blog denkt: “ik ben zo’n ouder. Als ik het eerlijk onder ogen kom, dempt het samenslapen bij mij een stuk angst of onveiligheid”.

Ben je dan een slechte ouder? Nee. Natuurlijk ben je dan geen slechte ouder! Je hebt het beste gedaan in jouw ogen tot nu toe. Je hebt gedaan wat alle zoogdieren en primaten doen in tijden van angst en gevaar: je kind dichtbij houden. Intuïtiever kan het niet. Dat dient namelijk de overleving. Tegelijkertijd: Het kan goed zijn om je angst onder ogen te komen als het gevaar wel inmiddels een tijdje geweken is. Het zou jammer zijn als je kind vanuit jouw overbescherming (want het gevaar is al weg) voortdurend leert dat de wereld een onveilige plek is, waar steeds gevaar is en waar je altijd dichtbij je moeder of vader moet blijven, want anders… is je vader of moeder zo van slag.

OK, misschien ben ik overbezorgd, wat nu?

Als je je in dit beeld herkent, dan is het verstandig om dit eens te bespreken met een goede vriend of vriendin. Als je een ambivalente relatie hebt met je kind, is dit meestal voldoende (vergeet niet: jij maakt je toch al sneller zorgen, dus de situatie is vast niet zo erg als jij denkt!). Als je (sommige) kenmerken van een gedesorganiseerde relatie herkent, kun je het bespreken met je huisarts en hulp zoeken. Liefst bij een (kinder)psycholoog met EMDR in zijn vaardigheden pakket en die ouderschapstrauma kan behandelen. Deze angsten zijn goed te behandelen. De bron is namelijk:  je hebt vermoedelijk iets heel naars meegemaakt en daardoor heb je voortdurende ramp fantasieën. Feitelijk is die nare gebeurtenis nog niet tot rust gekomen en een paar behandelingen kunnen er voor zorgen dat je hier veel kalmer en geruster in kunt zijn.

En dan kun je besluiten of je blijft samenslapen: gewoon omdat het kan, omdat de 2/3 van de wereld dit doet en omdat het zo gezellig is 😊. Maar niet meer omdat het samenslapen móet voor jouw innerlijke rust. En dan kun je met een even gerust hart besluiten dat het tijd wordt voor een eigen kamer, een eigen plek – je bed weer terug voor jou en je partner.

Heb je hier nog vragen over, stel ze gerust hieronder. Ook jouw ervaringen zijn heel erg welkom, voor andere ouders ook interessant!

En wil je praktische hulp bij het dragen en bouwen aan een band met je baby, boek dan een consult!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *